
Twaalfvoudig landskampioen VELO terug in de eredivisie: ‘Het enige team zonder internationale toppers’
De badmintonners van VELO moeten dit seizoen tonen dat ze niet te klein voor het tafellaken zijn en een plek aan de eredivisietafel verdienen. De Wateringers blijven na terugkeer in de eredivisie realistisch. „Er is een verschil tussen meedoen en zich handhaven.”
Klaas-Jan Droppert
10 oktober 2026, 10:00
Een eredivisie badminton zonder VELO is eigenlijk geen eredivisie. Twaalf keer werden de Wateringers landskampioen. Grote spelers als Mia Audina, Dicky Palyama en Dennis van Daalen de Jel behaalden met VELO veel successen en maakten in het Nederlandse badminton de dienst uit.
Maar het laatste decennium hebben andere clubs het stokje van de Westlanders overgenomen. VELO zakte verder weg, kon de race met kapitaalkrachtigere clubs niet volhouden en degradeerde in 2025 na 46 jaar onafgebroken in de eredivisie te hebben gespeeld.
Geen maat op VELO
In de eerste divisie stond er geen maat op VELO, waardoor de vraag niet was of ze zou promoveren maar wanneer. Een typisch geval van te groot voor het servet en te klein voor het tafelkleed.
Dit seizoen moet VELO aantonen dat het uitstapje naar de eerste divisie een eenmalig slippertje was. Volgens Franklin Telwin, tot en met afgelopen seizoen de coach, heeft deze groep spelers de potentie om volwaardig mee te doen in de eredivisie.
„Maar er is een verschil tussen meekunnen en handhaven”, zegt Dion Rovers. „Tegen Duinwijck konden we ook in sommige partijen meedoen, maar we verloren wel met 8-0. Als je meekan maar dan vervolgens alles in drie sets verliest, dan heb je er ook niets aan. Je moet punten pakken.”

Ook Veda Diemel wil haar team niet te hoog aanslaan. „Moeiteloos meekunnen dat was het geval in de oude eredivisie. In de huidige is dat anders. Wij zijn het enige team zonder internationale spelers. Elk team heeft zich wel versterkt met een topper. Er is niet één team waarvan je op voorhand zegt dat het gaat degraderen.”
Nummer 44
En dus moet VELO punten sprokkelen. De recente 5-3 zege op Drop Shot is daarom mooi meegenomen. Maar het zijn vooral Amersfoort en 2dA Smashing die de Wateringers als concurrenten voor die ene degradatieplek zien.
Coach Ciraar Slaats weet als geen ander hoe de verhoudingen liggen. Hij is een veteraan in de badmintonwereld en werd met VELO zes keer landskampioen. „Wij kunnen niet zoals Drop Shot even de nummer 44 van de wereld (de Fransman William Villeger, red.) opstellen. Al onze spelers zijn student. Al enkele jaren geleden heeft het bestuur al gezegd dat het geen 10.000 of 20.000 euro voor een speler wil betalen. Ja, ook wij hebben twee buitenlanders. Maar Angus Meldrum is een vriend van het team en Luca Wiechmann is de vriend van Amy Tan. Als hij bij haar is, speelt hij met ons mee. Dat is dus een andere situatie.”
Groot voordeel
VELO heeft als familieclub wel één groot voordeel. Slaats kent zijn spelers door en door, omdat hij hen al in de jeugd heeft getraind. „Ik durf van mezelf te zeggen dat ik wel een tactisch sterke coach ben. Voor sommige spelers is dat wel belangrijk. Een beetje rust brengen.”
En zorgen dat de juiste spelers op de juiste momenten ingezet worden. In de eredivisie telt namelijk iedere gewonnen partij. Dus wie met 5-3 verliest krijgt toch nog drie punten.
Amy Tan
Net als in het jaar dat VELO degradeerde zullen waarschijnlijk de meeste punten komen van Amy Tan. Zij vertrok na de degradatie naar Drop Shot, maar is nu teruggekeerd. „Als Amy speelt, zit ik altijd rustig op mijn stoel te genieten”, zegt Rovers.
Het is voor VELO te hopen dat in tegenstelling tot twee seizoenen geleden Tan genoeg hulp krijgt van haar ploeggenoten om de doelstelling van handhaving te halen.

